Kerstvakantie

Zo blij als ik ben met Pasen, Pinksteren, Koninginnedag en Hemelvaartsdag – ze leveren immers extra werkdagen op voor mij omdat mijn man vrij is – zo gestressd word ik van de november/december periode. Natuurlijk, het is een leuke en gezellige tijd, maar ik heb het nu even over mijn werk.

Door alle festiviteiten rondom de feestdagen – bij ons vermeerderd met 3 (!) kinderverjaardagen – gaat mijn tijd dezer dagen vooral zitten in speelgoedgidsen lezen, gedichten en surprises maken en inkopen doen. Vooral de laatste twee slorpen mijn werktijd op, omdat ik ze moet doen op momenten dat de kinderen er niet bij zijn – bij uitstek mijn werktijden dus. Daarnaast zijn er de diverse Kerstdiners en Kerstborrels, die ook vaak tijdens mijn werktijd plaatsvinden, en natuurlijk het verzenden van de onvermijdelijke Kerstkaarten, die vaak als sluitpost dienen en daarom soms pas ná Kerst verzonden worden!

Minder tijd voor mijn werk dus, althans... die tijd wordt van mijn nachtrust afgehaald. Want rond de feestdagen heb ik het zakelijk gezien natuurlijk ook hartstikke druk: Sinterklaas en Kerstman weten mijn webwinkels gelukkig goed te vinden! En dat komt mede door alle speciale Sint en Kerstacties die ik bedacht en toegepast heb.

Dit alles samen met het feit dat de nieuwste druk van mijn boek over thuiswerken pas nét twee dagen voor 5 december klaar was betekent dat ik straks echt toe ben aan de Kerstvakantie... om bij te werken!

Thuiswerkdroom

“Je kunt volgende week beginnen.”
Ik knipper nog even met mijn ogen. Tien jaar geleden stond ik te springen om deze zin te horen, maar hij kwam niet. Tot nu.

Meteen schiet mij een zaterdag te binnen, in de warme zomer van vorig jaar. Ik was met mijn gezin (man, drie kinderen, auto) boodschappen aan het doen bij een groot winkelcentrum. Toen we naar binnen liepen zag ik ze al staan: twee kinderen van een jaar of 8, 9, met een grote emmer sop. Ze spraken de automobilisten aan, maar zo te zien had iedereen het te druk-druk-druk om die kinderen het pleziertje van zelf geld verdienen te gunnen.

“Dat zal veranderen!”, dacht ik nog.

En jawel, bij het inladen van de boodschappen spraken ze mijn man aan. Ik was mijn kleintjes aan het insnoeren - een hels karwei dat bij mij steeds weer de vraag oproept wanneer er eens Arbo-regels voor moeders komen - dus ik verstond niet wat er gezegd werd. Maar het werd me direct duidelijk toen we wegreden.


“Wat doe je nou?” riep ik verontwaardigd, “Waarom laat je die kinderen niet de ramen schoonmaken? Je vermoordt jonge ondernemersgeest, je moet zo’n initiatief belonen, hoe kun je ze het glorieuze gevoel van je eigen geld verdiend hebben ontzeggen?”
Mijn man keek me beduusd aan en werd toen wakker uit zijn we-moeten-snel-boodschappen-doen-en-hier-weer-weg-roes. “Je hebt gelijk, ga jij straks maar terug.”

“Plankgas!” zei ik, want we waren het terrein al lang en breed af. Thuis. Ik ontsnoerde een kind, sleutels tussen mijn tanden, greep een plastic tas en gooide beiden achter de deur. Terug naar de auto, een doos, volgend kind losgekoppeld, hup-hup-hup kind en doos naar binnen. Mijn man, die inmiddels het laatste kind tegelijk met de laatste drie tassen in zijn armen balanceerde, keek me in de deuropening na terwijl ik terug racete naar de parkeerplaats.

En daar lag het: een grote plas sop, waar eens twee vrolijke kinderen met een goed idee hadden gestaan. Ik stopte de euro terug in mijn zak en reed teleurgesteld naar huis. Ze hadden het opgegeven. Nét voordat het universum aan ze wilde tonen dat je soms wat langer moet volhouden.

Soms duurt het tien jaar tot een droom uitkomt. Maar als je gestaag, stap voor stap, iedere dag een klein beetje naar je droom toewerkt en het beeld dat je wilt bereiken voor ogen houdt, dan komt ooit dat moment.

“Wat zou ik toch graag een column voor de Twentsche Courant Tubantia schrijven” dacht ik een paar weken geleden, mijn oude droom weer voor de geest halend. Twee dagen later belde de redacteur van de zondagskrant.

Wil je meer weten over thuiswerken en je eigen bedrijf beginnen vanuit huis?

Surf dan nu naar de website voor succesvol thuiswerken:

www.wahm.nl

Vakantiewerk

"Moet je nog werken? Wat jammer van je vakantie!"

Mijn schoonzusje keek me niet-begrijpend aan.

Hetzelfde gebeurde toen ik tegen een vriendin zei dat mijn laptop op vakantie meeging. En ook mijn schoonmoeder vroeg zich af of ik wel van mijn vakantie ging genieten.

Ik begreep hun reactie natuurlijk wel, maar toch was ik ook verbaasd. Waarom heeft werken toch zo'n negatief imago? Waarom zijn er zo weinig mensen die zó dol zijn op hun werk, dat ze juist blij zijn dat ze tijdens hun vakantie ook kunnen werken?

Voor mij is de vakantie bij uitstek een moment om lekker te werken – en niet alleen omdat mijn man dan bij de kinderen kan zijn. Juist omdat je even weg ben
t van de dagelijkse sleur, meestal in een prachtig landschap en lekker dicht bij de natuur, komen de nieuwe ideeën op. Ik heb deze vakantie zelfs een heel nieuw boek geschreven, dat net is verschenen! (Klik hier voor meer informatie: http://www.lichtleven.com)

Maar nog afgezien van de inspiratie en nieuwe ideeën: ik wil gewoon weten hoe het met mijn omzet staat! Om de zoveel dagen controleer ik de bestellingen en mijn cijfers – het geeft een lekker gevoel om te weten dat je bedrijf door draait, ook al ben je weg.

Juup (2) en ik liggen in bed. Stiekem probeer ik mijn arm weg te trekken. Naast me wordt onrustig aan een duimpje gezogen, waarop ik besluit nog even te blijven liggen. Een beentje ligt over mijn buik gedrapeerd, een handje knoedelt in mijn haar. Ik adem diep in, om het wezentje naast mij in een nog diepere slaap te leiden.

En dan kijk ik naar haar, voorzichtigjes, haar ogen sereen gesloten, het duimpje dat bijna uit het mondje valt... er is voor een moeder bijna niets heerlijkers dan kijken naar haar slapende kind. Gek eigenlijk, je bent net een eeuwigheid bezig geweest om haar in slaap te krijgen - zodat je zelf weer verder kunt - maar als ze eenmaal slaapt wil je haar nog langer vasthouden en kun je je ogen niet van haar afhouden.

Zelf ben ik ook even
weggedut daarnet, de luxe van vakantie wanneer papa zich bezighoudt met de andere spruiten, maar nu wil ik opstaan om nog wat werk te doen. De grote acrobaten-act gaat beginnen: ik wring me onder haar vandaan en balanceer tussen vrees en hoop wanneer ze een nieuwe positie moet vinden om te slapen, maar... het lukt! Mijn hart maakt een sprongetje wanneer ik naast het bed sta en mijn meisje vol overgave verder slaapt: hoera, even tijd voor mezelf!

"Moeders en huisvrouwen zijn de enige werkers die nooit vakantie hebben. Ze zijn de grote vakantieloze klasse." Dit citaat van Anne Morrow Lindbergh lees ik in het boek Nieuwetijds moederen (zie elders voor de recensie). Nee, ik heb inderdaad nooit vakantie:
ik werk, ik zorg, ik moeder, ik was, ik ruim op... Maar volgens mijn eigen definitie heb ik altijd vakantie: ik doe werk dat ik geweldig leuk vind, ik geniet er ontzettend van bij m'n kinderen te zijn, en ik kan mijn eigen dagen indelen.

Mijn leven is niet opgedeeld in kleine partjes: werk-privé-gezin-sociaal. Mijn leven is juist zo leuk doordat alles door elkaar loopt.

Ineens hoor ik gestommel. Als ik omkijk zie ik een klein duimelotje, de oogjes nog half toe, op mij af waggelen. Ze kruipt stilletjes bij mij op schoot en zo zitten we nog even in de zon, uit te kijken over de bergen.

Oranjekoorts voor thuiswerkers!

Kon ik maar gewoon nuchter blijven...

Maar nee, de EK-koorts heeft ook mij te pakken. Hoe kan ik nou werken als Oranje van die bloedstollende wedstrijden speelt, waarvan eentje nota bene pas na half twaalf beëindigd werd!

Bij Nederland-Letland was het me nog gelukt. Voordat de wedstrijd begon had ik alle benodigdheden al naast mij op de bank geïnstalleerd: laptop, gekleurde stiften en papier (voor het ontwerp van een logo waar ik mee bezig ben) en een stapel enveloppen, boeken, facturen en adresstickers om te verzenden.

Terwijl we met z’n allen op de bank zaten en het ene kind na het andere in slaap sukkelde kon moeders lustig werken. Zelfs het ontwerp van het logo kwam in een vergevorderd stadium. “Gelukkig,” dacht ik, “deze uren kan ik tenminste op mijn werkurenstaat voor de Belastingdienst boeken!”

En zo ging het ook met de kwartfinales van de andere teams. Terwijl Griekenland van Frankrijk won bedacht ik een EK-promotie en paste mijn website aan. Engeland-Portugal heb ik niet tot het einde uitgezeten, want het leek me verstandig wat slaap in te halen.

Maar tijdens de kwartfinale tegen Zweden – terwijl de wedstrijd niet eens zo leuk was – kon ik niet meer: de koorts had mij volledig te pakken. Tijdens de wedstrijd was ik stiekem toch een beetje in tweestrijd: natuurlijk wilde ik dat Oranje zou winnen, maar alsjeblieft, als ze winnen sta ik straks weer een hele avond stijf van de stress, mis ik weer een avond werk en ben ik de dag(en) erna moeier vanwege slaapgebrek.

En waarom moest ie nou zo lang duren, die wedstrijd?! Waarna ik uiteraard het commentaar van de diverse deskundigen en spelers ook nog wilde zien – al was het alleen maar om de spanning weer een beetje uit mijn lijf te krijgen.

Tja, en probeer dan de volgende morgen maar eens vroeg op te staan, omdat je een werkochtend gepland had... Die voetballers hebben mijn hele weekendschema in de war geschopt!

Maar natuurlijk ben ik woensdagavond in ons oranje-versierd huis met thee en oranje-tompoucen weer van de partij: vanwege vaderlandsliefde, maar ook vanwege het heerlijk gezellige familie-moment. Dat werk, dat moet maar even wachten.

Thuiswerkbelgen ;-)

De dames (en heren) van de Vrouwenbeweging hebben er vaak de mond van vol: hoe goed is de kinderopvang in België wel niet geregeld. Kinderen worden de gehele dag opgevangen, ontvangen een warme maaltijd, er is plek genoeg en het is betaalbaar...

Nog afgezien van het feit of dit altijd en overal in België waar is, zien we nu - in ieder geval in Vlaanderen - een tegenbeweging optreden. Met aan het hoofd Vlaams minister van Economie, Buitenlands Beleid en E-government Patricia Ceysens. Zij schreef het intelligente boek "E-mama. E-werken, kids koesteren", waarin ze zich ondermeer hard maakt voor het uitbesteden van diensten (huishoudelijk werk, strijken, e.d.) in plaats van kinderen. Neem eens een kijkje op haar website http://www.e-mama.be of op http://www.ministerpatriciaceysens.be.

Deze energie minister is - voor zover bij mij bekend - de eerste minister wereldwijd die een lange periode vanuit huis werkte. En dan heb ik het niet alleen over e-mails lezen: zij beschrijft in haar boek uitvoerig hoe zij deelnam aan belangrijke vergaderingen met alleen een laptop en een webcam - en vaak met een baby aan de borst. Nu nog werkt zij gedeeltelijk vanuit huis.

Van haar website citeer ik: "Mobiliteit en de combinatie gezin en arbeid zijn twee belangrijke aandachtspunten voor de Vlaamse Regering. Maar het zijn niet het soort problemen die je met één pennentrek of decreetgevend werk oplost. En dus gaan de ministers op zoek naar allerhande teasers om deze actuele knelpunten van het moderne leven op te lossen. Je kan je nummerplaat inruilen voor een abonnement op De Lijn. En van de nieuwe man wordt gehoopt dat hij buitenhuiswerkende vrouwen van hun huishoudelijke taken bevrijdt. Leuk gevonden maar niet altijd doeltreffend. Vandaar mijn voorstel als Vlaams Minister van E-government om e-werken te ontwikkelen als structurele oplossing om een aantal hedendaagse uitdagingen aan te gaan."

Ceyssens heeft dan ook tal van initiatieven ontplooid - zowel in wetgeving als in publicitaire evenementen - om e-werken te stimuleren. Ik was vereerd toen ik door deze minister gevraagd werd plaats te nemen in de jury voor de eerste verkiezing van E-mama en E-papa van het jaar. Dat is nog eens een originele manier om e-werken bij zowel mama's en papa's als bedrijven onder de aandacht te brengen. En het geeft de - broodnodige - erkenning aan de mama's en papa's die dagelijks worstelen om de combinatie werk-gezin-huishouden in te vullen door geheel of gedeeltelijk thuis te werken.

Ja, het is waar. De Belgen zijn verder dan wij Nederlanders op het gebied van kinderopvang, én ze zijn verder dan wij op het gebied van stimulering van thuiswerken.

Welke Nederlandse politicus zal dit stokje oppakken?

Uitdagingen voor thuiswerkers

"Maar hoe doe je dat dan met dingen waar je tegenop ziet?" vroeg een journaliste mij laatst. "Want als je thuiswerkt moet je alles zelf doen."

Dat klopt. En er zijn ook zeker dingen waar ik tegenop zie. Het is eigenlijk net als met peuters: hartstikke leuk, maar die poepbroeken... En zo heeft alles altijd een leuke en een minder leuke kant in zich. Ik moest even over mijn antwoord nadenken.

Nu ga ik dinsdag naar een evenement waarvan ik weet dat een groot deel van mijn doelgroep er ook is. Het zou echt een gemiste kans zijn, om mijn producten niet onder de aandacht van de bezoekers te brengen. Daarom had ik bedacht dat ik een leaflet ging maken, dat ik bij de ingang kon uitdelen.

De hele week al was ik aan het dralen, en nog steeds had ik die leaflet niet ontworpen. Vandaag, zondag, was mijn laatste kans, want morgen moet het bij de copyshop zijn om op tijd klaar te zijn. Dus daar zat ik, achter mijn computer... en er kwam niets.

O ja, er kwam wel iets: een klomp in mijn maag. Het vooruitzicht om dinsdag bij de ingang die folders te moeten uitdelen, deed me gruwelen. Ik vond het gewoon echt niet leuk om al die mensen ongevraagd een folder van mijn bedrijf uit te delen. Ik zag er als een berg tegenop.

Nu had ik de keuze: ik doe het toch maar niet, want ik vind het niet leuk, of ik doe het wel, want zo'n kans krijg ik voorlopig niet meer. Maar als ik het deed, moest ik wel eerst mijn blokkades overwinnen.

Waarom vond ik het zo vreselijk? Ik ging eens met mezelf op de grond zitten, naast m'n bureau. Ik visualiseerde dat ik daar bij de ingang stond en die foldertjes uitdeelde. Direct voelde ik een gevoel van onbehagen in mij opkomen. Ik liet het gevoel toe en nam als het ware een stap afstand om te kijken wat het gevoel veroorzaakte.

En daar zag ik het: wie ben ik om mijn product onder de neuzen van die mensen te duwen, wie zit er op mijn product te wachten? Met andere woorden: onzekerheid.

Ik liet het gevoel los en begon over die onzekerheid na te denken. Ik heb die producten gemaakt zodat andere mensen er profijt van zouden hebben. Er zijn die avond vást mensen die heel erg blij zullen zijn dat mijn producten bestaan. Dus wie ben ik eigenlijk, dat ik mensen die graag mijn producten zouden willen hebben, dit recht ontzeg?

Het was een hele opluchting er zo over te denken. Maar toen ik weer visualiseerde dat ik foldertjes stond uit te delen, was het nare gevoel nog niet weg.

Weer nam ik afstand en keek wat het gevoel veroorzaakte. Ik zag dat ik me schaamde geld te vragen voor mijn producten. Verdorie, ik had er in mijn boek een heel hoofdstuk aan gewijd ("Je verdient wat je waard bent") en nu had ik het zelf ook: het liefste zou ik m'n producten gewoon gratis weggeven. Met andere woorden: een minderwaardigheidsgevoel.

Ik bedacht met hoeveel liefde, toewijding en inspiratie ik aan de producten had gewerkt. Hoeveel tijd, energie en geld ik er in had gestoken. Hoe zeker ik was dat het goede producten zijn, dat ze mensen van nut zijn.

Nogmaals visualiseerde in mezelf bij de ingang terwijl ik de leaflets uitdeelde. Een gevoel van trots kwam in me op: ik mag de mensen informeren over deze mooie producten!

Ik deed mijn ogen open en toen wist ik precies hoe de leaflet er uit moest komen te zien. Met twee tellen zat ik achter mijn computer en binnen no time had ik een perfecte folder, mét speciale actie, in elkaar gedraaid. Dinsdag sta ik daar, met mijn foldertjes, en ik zal ze met plezier uitdelen. Wat een overwinning!

Het was precies zoals ik de journaliste geantwoord had: "Iets waar ik tegenop zie, zie ik als een uitdaging. Je kunt er voor kiezen om het dan maar niet te doen, maar je kunt er ook voor kiezen het te zien als een mogelijkheid tot persoonlijke groei. Als je die uitdaging aangaat, moet je eerst onderzoeken wat het exact is waardoor je er tegenop ziet en dat dan vervolgens aanpakken. Je zult zien dat je dan niet alleen bevrijd bent, maar zelfs met plezier dat aanpakt waar je eerst tegenop zag."

Hoogseizoen voor de thuiswerkmama

Terwijl het grootste gedeelte van Nederland geniet van alle extra vrije dagen die het voorjaar biedt (Pasen, Koninginnedag, Hemelvaart, Pinksteren) beleven de meeste wahms hun hoogseizoen: manlief heeft vrij, en dus kan er extra gewerkt worden!

Voor mij geldt dat ook zeker. Heerlijk, zomaar een volle werkdag erbij! Mijn partner had op Goede Vrijdag al vrij, dus ik kon de vrijdag en de zaterdag ongestoord doorwerken – en daarna hadden we nog 2 dagen 'weekend' over! (Iets wat we normaal nooit hebben, omdat ik altijd de zaterdag werk.)

Toch is het jammer om al die extra dagen volledig te ver-werken. We hebben tenslotte al zulke korte weekends samen, nu we dan de kans hebben om meer tijd met ons hele gezin door te brengen, moeten we die ook nemen.

Daarom sta ik bijvoorbeeld op Koninginnedag al om half 6 op, zodat tegen de tijd dat mijn man en kinderen wakker en aangekleed zijn, ik er al een halve werkdag op heb zitten. De rest van de dag is dan voor het gezin.

Nog afgezien van al die extra vrij dagen van mijn man, is het voorjaar voor mij sowieso de periode van mijn hoogste productie. De dagen zijn langer en op de één of andere manier betekent dat ook dat ik minder slaap nodig heb en me energieker voel. Met de knoppen en bloesems die overal in de natuur verschijnen, lijkt het ook alsof er bij mij nieuwe inspiratie ontwaakt.

De wahmsite heeft een volledige nieuwe look en gedeeltelijk nieuwe inhoud gekregen, er is weer een nieuwe Bericht van een Mammie uit, ik stuur regelmatig een persbericht uit, mijn bedrijf krijgt een andere huisstijl (logo, briefpapier en visitekaartje) en ik ben met twee leuke projecten bezig... Maar daarover later meer.

Ik zou zeggen: werk ze!

De daad bij het woord

Of: hoe je jezelf vreselijk voor de gek kunt houden.

Ik dacht dat ik het fantastisch voor elkaar had. Een uitdagende baan die ik grotendeels vanuit huis kon doen. Daarnaast nog een eigen bedrijf en een uit de hand gelopen hobby (deze site). En een derde kindje, gezond en wel. Maar wat had ik het mis!

Toen ik mijn boek twee jaar geleden schreef en daarin een groot stuk inruimde voor het bepalen van werk dat bij je past, was ik zo zelfgenoegzaam om te denken dat ik dat allemaal wel wist. Kun je nagaan: ik ontwikkelde een oefening om er achter te komen wat je passie is. Hoewel ik die oefening door meerdere mensen heb laten testen, had ik die nooit zelf gedaan - ongelooflijk maar waar! Dat komt gewoon omdat ik toen dacht dat mijn werk mijn passie was. Ik vond het ook leuk en ik wilde het ook, dus het was zeker niet zo dat ik ongelukkig was. Bovendien had ik in mijn werk eindelijk bereikt waar ik altijd van gedroomd had, ik had mijn ambitie ingevuld. Dat is juist het rare aan het verhaal: ik hield mezelf onbewust voor de gek. Want ambitie is niet gelijk aan passie. En het kan dus blijkbaar zo zijn dat je je eigen passie niet kent - zelfs als je er een boek over geschreven hebt!

Toen het muntje eindelijk viel was het echt een ‘ahaaaa’-belevenis. Ik voelde het ook in mijn hart: dit is waar alles in mijn leven naar toe geleid heeft.

Mijn realisatie viel samen met een reorganisatie bij het bedrijf en in overleg besloten we mij weg te saneren. Het was een moeilijke stap, afscheid nemen van een bedrijf waar je vele jaren met zoveel plezier en zo intens hebt gewerkt en waar toch ook een stukje van mijn hart ligt.

Toch is deze stap de èchte weg van mijn hart en dat doet alle twijfel en onzekerheid wegsmelten. Ja, mijn inkomen is gedecimeerd. Maar de rust en het onmetelijke plezier dat er voor teruggekomen is, daar kan werkelijk geen enkel riant salaris tegenop. En ik weet zeker, nu ik volledige aandacht voor mijn eigen bedrijf heb, dat ik het ook kan laten floreren en dat ik er meer uit kan halen dan tot nu toe het geval was.

Je zou kunnen zeggen dat ik nu eindelijk de daad bij het woord heb gevoegd, eindelijk het voorbeeld geef waarover ik schrijf in mijn boek: neem de stap van je hart!

Hiervoor, als iemand mij vroeg was ik deed, was mijn antwoord altijd: directeur van een installatiebedrijf. Dat was het teken voor een ander onderwerp in de conversatie. Maar toen, na deze stap, een nieuwe kennis mij vroeg wat ik deed antwoordde ik met heel mijn hart: “Ik ben uitgever.” Ze zei dat ze een twinkeling in mijn ogen zag toen ik dat uitsprak.

Thuiswerkmama blues: overal is een tijd voor

Terwijl ik dit stukje schrijf ligt er rechts van mij een hele, hele, hele grote stapel. Aan alle kanten steken er spullen uit: een gerafeld blocnote, een boek, papieren, bonnetjes. Ergens midden in de stapel staat een kartonnen doosjs waar die bonnetjes eigenlijk in horen. Folders, kindertekeningen, krantenknipsels, rekeningen, ongeopende enveloppen, gele notitieblaadjes, faxen, foto's, tijdschriften, cd's, zelfs een fotolijstje... Ik durf er niet eens meer aan te komen, aan die stapel, want iedere poging om er iets uit te pakken zou resulteren in het in elkaar zakken van dit kunstige bouwwerk.

En zolang ik nog geen tijd/zin/behoefte heb om me door die stapel heen te werken, is er maar één ding dat ik kan doen: voorkomen dat er links van mij ook zo'n stapel ontstaat. Met andere woorden: alles wat nu links van mij ligt bovenop de stapel rechts kwakken. Althans, met enig beleid zodat de boel niet alsnog in elkaar dondert.

"Je spreekt jezelf wel tegen hoor" sprak een lezeres van mijn boek uitdagend.

Daar moest ik natuurlijk even over nadenken.

"Hier zeg je dat je altijd moet zorgen dat je huis en je werkplek helemaal netjes en opgeruimd moeten zijn. Terwijl je dáár zegt dat je soms gewoon de boel de boel moet laten."

Tja, ik kan me indenken dat dit voor sommige mensen een tegenstelling lijkt. Maar dat is het niet.

Een opgeruimd huis geeft je ten eerste het gevoel dat je ruimte om je heen hebt, waardoor je je makkelijker kunt concentreren op de dingen die je moet doen. Ten tweede voel je niet die druk op je schouders: "Ik moet de was nog doen. Ik moet nog stofzuigen. Ik moet nog zus, ik moet nog zo."

En bovendien, als je dagelijkse regelmaat hebt in je huishouden merk je dat je minder werk hebt dan wanneer je het laat oplopen.

Ik denk dat alle moeders wel weten dat kinderen veel lekkerder spelen als hun speelgoed opgeruimd en gesorteerd is. De lego's bij de lego's, poppen en poppekleertjes bij elkaar, auto's en toebehoren in één bak. En niet drie grote kisten waar treinstellen, barbie-schoentjes, kralen, meccanoschroeven en puzzelstukjes om aandacht moeten vechten.

En zo werkt het ook als je thuis werkt: als in je hoofd tien dingen-die-nog-moeten vechten om je aandacht is het moeilijker je te concentreren op het werk dat je moet doen.

Maar ja, je hebt van die dagen waarop het net lijkt alsof er een bom is ontploft in je huis en je allang blij bent dat je geen been hebt gebroken over rondslingerende knikkers. Je voornemen om vóór het eten samen met de kinderen op te ruimen is in het water gevallen vanwege een huilende baby of andere onverwachte beslommeringen en als je de kinderen dan eindelijk zonder zeuren in bed hebt wil je gewoon het liefst zo snel mogelijk die rommel kwijt. En wat is er dan makkelijker dan alles in één bak kwakken? (Of ben ik de enige moeder die dit doet en moet ik me nu zwaar gaan schamen?!)

Sterker, ik heb van die dagen waarop ik een deadline moet halen en ik een weloverwogen beslissing maak: wat is belangrijker vandaag, het huishouden of mijn werk? De dingen die ècht gedaan moeten worden doe ik dan zo snel mogelijk: een was erin, het aanrecht schoon, restjes in de koelkast. Maar dan vetrek ik naar zolder om aan het werk te gaan. Dat zijn de dagen waarop ik de boel de boel laat.

Dan moet ik echter één ding wel doen en dat is vertrouwen hebben. Hoe moeilijk het ook is, al die dingetjes die er nog moeten gebeuren moet je naast je neerleggen. En dat kun je alleen als je het vertrouwen hebt dat er overal een juiste tijd voor is.

Omdat ik het de laatste maanden ontzettend druk heb gehad was ik al tijden niet meer toegekomen aan het uitzoeken en opruimen van het speelgoed van de kinderen. De bakken met speelgoed waren vervuild met papiersnippers, spinnen en rotzooi van diverse komaf. Ik begon steeds meer tegen de klus op te zien. Maar ik liet het zo, omdat ik simpelweg de tijd en de puf er niet voor had.

"Er komt een tijd voor" hield ik mezelf voor.

En dit weekend was het zover. Zakelijk gezien was de werkdruk van de ketel en ik had ineens de energie, sterker nog, de behoefte om te gaan ruimen. Het ging heerlijk soepel, omdat ik gewacht had tot de tijd er rijp voor was. Ik weet zeker dat als ik het eerder, met tegenzin had gedaan, de klus veel moeizamer was verlopen.

En toch, en toch... de kinderen spelen al een paar dagen heerlijk rustig na hun hernieuwde kennismaking met het speelgoed. Als ik dit eerder had gedaan, had ik ook weer meer tijd en rust gehad om te werken...

Dus misschien spreek ik mezelf inderdaad wel tegen, misschien moet je nooit de boel de boel laten omdat je dan ooit een keer ergens vastloopt.

Ik kijk even naar de stapel naast me en ik besluit: overal is een tijd voor. En nu is het tijd om die stapel aan te pakken.

Kans

Het leven biedt soms van die momenten waarvan je weet dat je ze nooit zult vergeten. Vanochtend werd ik wakker door licht gepruttel naast me: Juup wilde drinken. Een intiem moment, heerlijk met z'n tweetjes in bed (Jan Paul was al naar de zaak), voordat de drukte van een hectisch gezin zich doet gelden. Terwijl mijn meisje bij me dronk hoorde ik in de kamer naast ons zacht gestommel: Rhuben sloop z'n bed uit (aangezien hij en Saffier op dezelfde kamer slapen heeft hij de instructie meegekregen dat hij alleen uit z'n bed mag komen als hij dat muisstil kan doen!). Ja hoor, daar stond hij al naast m'n bed - een half uur te vroeg, nog even wegdommelen met Juup zat er niet meer in. Hij kroop aan de andere kant tegen Juup aan die nu lekker tussen mama en grote broer inlag. En wat voor een grote broer: lief is ie! Heel teder kan hij z'n babyzusje aaien en kusjes geven, terwijl hij zachtjes fluistert: "Jupi, lieve Jupi". Ook nu weer werd ik vertederd door de genegenheid die mijn vierjarige, grote kleine manneke voor zijn zusje heeft. Net toen Juup klaar was met drinken, was Saffier aan het wakker worden. Ik spoedde mij naar haar kamertje en nam haar weer mee naar mijn bed, alwaar ze lekker op mij ging liggen om eens op haar gemak wakker te worden.

En daar lagen ze dan, op me en naast me, genietend van dit magische moment tussen slapen en waken in, mijn drie kindjes. Drie! Ik voelde me werkelijk de allerrijkste vrouw op aarde.

Die eerste maanden na de bevalling leef je in een roes, of je nu je eerste kindje krijgt of je tiende. Als alles goed gaat is die roes een roze wolk, als er problemen zijn misschien niet maar de roes blijft. Ieder babytje blijft verwondering oproepen en verandert je gezin zo totaal dat je even de tijd nodig hebt om je balans te hervinden en een nieuw evenwicht te zoeken. Om over de hormonale veranderingen in je lijf - het ontzwangeren - maar niet te spreken. Juist daarom ervaar je die geluksmomenten wellicht intenser en emotioneler dan normaal.

Maar dan voel je dat de sluier die als het ware om je heen hing weer langzaam opgetrokken wordt en dat je weer meer deel gaat èn wilt uitmaken van het leven in de buitenwereld. Dat er naast het geluksgevoel de rijkste vrouw op aarde te zijn, ook nog een praktische kant is: van de week realiseerde ik me voor het eerst dat ik nu iedere week 60 nageltjes moet knippen!

En terwijl je haar bij bosjes uitvalt (ja, dat is normaal, 3-4 maanden na de bevalling begint je tijdens de zwangerschap vol en prachtig geworden haardos uit te vallen) maak je de lichamelijke balans op van drie zwangerschappen: striaeplekken op buik en borsten, een blubberbuik, algehele vermoeidheid en een onduidelijke pijn in het heupgebied die maar niet over wil gaan. Maar het is gelukkig niet alleen kommer en kwel. Ik moet namelijk toegeven dat ik me nog nooit zo goed heb gevoeld over mijn lijf. Vroeger vond ik mezelf altijd te dik, nu denk ik trots: Hé, dit lijf heeft wel mooi drie kinderen gedragen, gebaard èn gevoed! Ik ben allang blij dat 'niet gebaard, tocheen taart' (een favoriete uitspraak van mijn oom Cees) niet meer op mij van toepassing is ;))

Maar als ik denk aan het feit dat wij iedere week minimaal 56 luiers te verschonen hebben, waarvan een substantieel deel valt onder de categorie poepluier, en iedere week minimaal 70 keer tijdens het eten zeggen "Kom terug aan tafel!", en iedere week zeven nieuwe verhaaltjes verzonnen moeten worden bij de bedrand terwijl je zelf omtolt van de slaap en je kinderen klaarwakker zijn en klaarwakker blijven... en aan al die andere dingen die het ouderschap gewoon zwaar maken maar waar je van te voren nooit voor gewaarschuwd wordt... dan verzucht ik wel eens: hoe heb ik ooit in mijn hoofd gehaald dat ik het kan, moeder zijn van drie kinderen.

Ik vraag me soms wel eens af hoe moeders dat in vroeger tijden in hemelsnaam deden, zonder water uit de kraan, zonder televisie als hulp-oppas, zonder wegwerpluiers, nee erger, zonder wasmachine. En die laatste gedachte alleen al zet me weer even met beide benen op de grond. Want wees nou eerlijk: wij hebben alle gemakken van de moderne techniek plus een geëmancipeerde samenleving waarin ruimte is om onszelf te ontplooien en financiële onafhankelijkheid te bereiken. Kinderen opvoeden zal altijd zwaar blijven, dat is waar, maar wij hebben wèl de vrijheid en de mogelijkheid om naast de kinderen iets voor onszelf op te bouwen. En wie zijn wij om die kans niet te pakken - doe je het niet voor jezelf, doe het dan voor al die generaties vrouwen vóór ons die die kans niet hadden.

Wil je meer weten over thuiswerken en je eigen bedrijf beginnen vanuit huis?

Surf dan nu naar de website voor succesvol thuiswerken:

www.wahm.nl

Stiekem

(geschreven voor de site www.huismannen.nl)

En daar lag hij dan. Op de bank, onder een deken, een kop thee evenals een groot pak tissues binnen handbereik. Mijn stiekeme wens was uitgekomen!

Oh sorry, laat ik mezelf eerst even voorstellen: ik ben Edith Hagenaar en ik ben thuiswerkmama.

Samen met mijn man heb ik drie kinderen in de leeftijd van 1 tot en met 5. Ik ben in principe iedere dag thuis met de kinderen èn ik run mijn eigen bedrijf vanuit huis.

Jullie, als huisvaders, hoef ik niets te zeggen: jullie weten waarschijnlijk uit eigen ervaring al dat ik een druk, superdruk bestaan heb. Maar mijn man, die full-time buitenshuis werkt, had dat nog nooit zo meegemaakt.

En daar lag hij dus, ziek op de bank, en hij keek naar mij: nadat ik de hele bups had aangekleed, van ontbijt had voorzien, en drie kinderen in de jas had gezet vertrok ik naar school. Weer thuis twee kinderen uit de jassen, ontbijtboel opruimen en de was doen terwijl de twee jongsten aan de keukentafel aan het kleien zijn. Daarna de kleitroep opruimen, appeltjes schillen en een boekje voorlezen. De jongste naar bed, de middelste met speelgoed neergezet. Dan de computer opstarten: emails checken, administratie bijwerken, bestellingen verwerken en klaarmaken en nog even gewerkt aan een nieuwe tekst. Lunchen met de twee jongsten, dan de oudste ophalen (hij luncht op school en is om tien voor 1 klaar). Een vriendje komt mee, samen een wandeling maken en de bestellingen op de post doen, tussendoor een wasje doen, thee met wat lekkers, even de email checken, eten koken, eten, afruimen en keuken opruimen, kinderen in bad, afdrogen-aankleden-tandenpoetsen, tuttelen, verhaaltjes voorlezen, zingen, oja nog drinken halen en oh nog eentje plassen... Dan naar beneden de was doen en met een kop thee naar m'n kantoortje: eindelijk tijd om lekker te werken. Om half twaalf rol ik naast mijn echtgenoot in bed. (hoe vaak ik er 's nachts nog uit moest heb ik niet bijgehouden!)

Oh, en had ik al gezegd dat ik tussendoor ook nog mijn zieke mannetje heb vertroeteld?

Mijn stiekeme wens was uitgekomen: eindelijk had mijn man gezien wat ik allemaal doe op een dag - dat mijn dag niet alleen maar bestaat uit tuttelen en met de kinderen op de bank zitten en een beetje internetten en de krant lezen!

Mijn man is een fantastische vader, een geweldige kok en stofzuigen kan hij ook. De kinderen en ik zouden het heerlijk vinden als hij net als ik ook vanuit huis zou kunnen werken. Maar in ons gezin is dat voorlopig nog niet de realiteit.

Jullie, huismannen, hebben - al dan niet gedwongen door omstandigheden - wel gekozen om thuis te zijn. Jullie hebben het best zwaar met de kinderen en al het huishoudelijk werk (en sommigen van jullie werken ook nog vanuit huis) maar jullie kunnen wel iedere dag genieten van jullie kinderen, alles meemaken, je kinderen echt leren kennen, er voor ze zijn. Volgens mij zijn veel mannen stiekem jaloers op jullie.

Werkplek in huis: waar werk ik eigenlijk niet?

Er wordt me wel eens nieuwsgierig gevraagd naar mijn werkplek. Want hoe doe je dat, als thuiswerkmama? Onderstaand artikel schreef ik in 2000, toen ik nog twee kindjes had (Rhuben was 2 en Saffier nog geen jaar).

Inmiddels is mijn werkplek verhuisd naar de zolder, die we hebben geïsoleerd en voorzien van twee schuine dakramen voor extra licht. Daar heb ik heerlijk de ruimte voor twee bureau's, kastjes met printers en toebehoren en twee grote kasten. Bovendien is er extra veel speelruimte voor de kinderen. Ik heb het speelgoed nu verdeeld tussen boven en beneden: wat op zolder is, blijft alleen op zolder, wat beneden is blijft beneden. Dat maakt het iedere keer weer leuk voor ze om op zolder te spelen. Bovendien hebben we er een soort tekentafel/schoolbord/speeltoestel neergezet, zodat ze zelf ook bureautje kunnen spelen.

Dat mijn vaste werkplek nu op zolder is, neemt niet weg dat ik niet nog steeds overal in het huis werk.


Ik ben gelukkig in het trotse bezit van een ruim bureau, in een kamer die ik deel met de boekenkast, de box en drie grote bakken met speelgoed. Je begrijpt; de vloer onder mijn bureau ligt bezaaid met legos en aanverwante artikelen. Op mijn bureau zwerven auto's van diverse merken (bijvoorbeelde de oom-peter-auto, de leeuw-auto en de opa-auto). Daarnaast is mijn bureaublad vrolijk gedecoreerd met divers gekleurde streepjes - resten van een éénmalige tekenpartij zónder onderlegger...

Maar mijn kantoor is zeker niet de enige plek in huis waar ik werk. Eigenlijk is het hele huis mijn werkdomein... voornamelijk dankzij moderne technieken als de looptelefoon en de laptop. Maar het ouderwetse bloknote bewijst mij ook altijd weer goede diensten.

Het heerlijk van thuiswerken is natuurlijk ook dat je niet vast hoeft te zitten aan een bureau. In de zomer lig ik lekker in de tuin met mijn bloknote, looptelefoon en telefoonboek, terwijl mijn dreumessen de zandbak onveilig maken. Of auto's van de glijbaan laten rijden. Of rondkrossen op het driewielertje.

Ook het ouderlijk bed doet soms dienst als bureau. Uiteraard voor het bijhouden van de vakliteratuur, iedere avond balanceert er een grote stapel leeswerk op mijn nachtkastje. Maar zo 's ochtends, als ik eens laat ben met aankleden en we alledrie nog in de pyama rondlopen, doe ik wat schetswerk of belwerk al liggend op het bed. Saffier speelt met een pen en wat papiertjes, Rhuben laat zijn auto's van de ene kant van het bed naar de andere kant rijden... wat een leven hè?!

Natuurlijk demonstreer ik ook even hoe zwaar ik het soms heb. Krijsende kinderen aan mijn been terwijl ik een belangrijk telefoontje pleeg. Hongerende ogen die (terecht!) niet begrijpen waarom ik zo graag eerst iets wil afmaken voordat ik ze te eten geef. De deurbel die gaat, terwijl de één een poepluier heeft, de ander een binnenkomende fax aan het verscheuren is, de telefoon rinkelt en de pan overkookt, het zijn alledaagse situaties bij ons thuis.

Maar als ik het allemaal even niet meer zie zitten pak ik de boel op de fiets en vertrek richting kinderboerderij annex speeltuin. Al bellend leer ik Saffier aan één handje lopen, meewarig toegekeken door opa's en oma's met hun kleinkinderen.

Mijn beste babysit is, naast de televisie die alleen (nog) voor de oudste als babysit dienst kan doen, het bad. Als ik echt even ongestoord wil kunnen werken dan zet ik mijn twee drukke, waterminnende schatten in bad. Wat schuim erbij, een gietertje en wat bakjes en ze zijn zeker een uur zoet (met als bijkomend voordeel dat ze daarna lekker rozig zijn!). Mij zie je dan gezeten op de wc-klep druk in de weer met pen en papier.

De lekkerste plek om te werken vind ik eigenlijk onze eettafel. We hebben zo'n hele lange houten. Voor Rhuben's auto's de perfecte snelweg, Saffier kan er nog mooi onder zitten spelen. En ik zit daar lekker met een stapeltje paperassen en een kopje thee, heerlijk genietend. Genietend van mijn werk, dat ik met veel plezier doe. En genietend van mijn twee heerlijke hartediefjes. Wie zei dat je werk en privé gescheiden moet houden?